Fouten bij een RI&E
Fouten bij een RI&E
Een RI&E moet aansluiten op de feitelijke werksituatie; anders kunnen risico’s of passende maatregelen ontbreken. Door fouten die bij een RI&E kunnen voorkomen te herkennen, maak je van de risico-inventarisatie een bruikbaar hulpmiddel voor een veilige en gezonde werkplek.
Een RI&E maken zonder de werkvloer te betrekken
Medewerkers weten vaak als eerste waar het werk in de praktijk anders verloopt dan op papier. Denk aan een onveilige looproute, tijdsdruk bij laden en lossen, terugkerende fysieke belasting of apparatuur die niet goed functioneert. Als je alleen vanuit kantoor inventariseert, is de kans groot dat deze risico’s ontbreken of te algemeen worden omschreven.
Betrek daarom medewerkers uit verschillende functies en werkplekken bij de RI&E. Sinds 1 juli 2026 moet de werkgever werknemers raadplegen over het arbobeleid, waaronder de RI&E. Is er een ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging, dan raadpleegt de werkgever die; zonder ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging raadpleegt hij de betrokken werknemers rechtstreeks. Vraag naar incidenten, bijna-ongevallen, knelpunten en situaties waarin zij improviseren om het werk af te krijgen. Ook de preventiemedewerker heeft een belangrijke rol. Deze input zorgt voor een vollediger beeld én meer draagvlak voor maatregelen.
Risico’s te algemeen of onvolledig beschrijven
Een veelgemaakte fout bij een RI&E is het opnemen van brede omschrijvingen, zoals ‘gevaarlijke stoffen’ of ‘fysieke belasting’, zonder te benoemen waar en bij welke werkzaamheden het risico ontstaat. Zo blijft onduidelijk wie risico loopt, hoe groot het risico is en welke maatregel nodig is.
Breng alle functies, werkplekken en werkzaamheden systematisch in kaart. Kijk niet alleen naar zichtbare veiligheidsrisico’s, zoals machineveiligheid, struikelgevaar en werken op hoogte. Neem ook risico’s mee rond beeldschermwerk, werkdruk, agressie, ongewenst gedrag, BHV, fysieke belasting en gevaarlijke stoffen. Specifieke aandacht is nodig voor werknemers die extra kwetsbaar kunnen zijn, zoals jonge werknemers, zwangere medewerkers of medewerkers met aangepast werk.
Beschrijf een risico zo concreet mogelijk. Bijvoorbeeld: “Medewerkers tillen meerdere keren per dag dozen van 20 kilo vanaf vloerniveau in het magazijn” geeft veel meer richting dan alleen “zwaar tillen”. Gebruik daarbij een RI&E-checklist om alle essentiële onderdelen systematisch te controleren.
De ernst en prioriteit van risico’s onvoldoende onderbouwen
Niet elk risico vraagt dezelfde aanpak of dezelfde snelheid. Toch worden risico’s in een RI&E soms zonder duidelijke onderbouwing als laag, middel of hoog beoordeeld. Hierdoor kunnen ernstige risico’s te lang blijven liggen, terwijl minder urgente acties onnodig voorrang krijgen.
Beoordeel risico’s aan de hand van de kans dat een incident plaatsvindt en de mogelijke gevolgen daarvan. Incidentmeldingen, verzuimgegevens, bijna-ongevallen, onderhoudsgegevens en signalen van medewerkers helpen om deze inschatting te onderbouwen. Een risicomatrix maken voor je RI&E maakt zichtbaar welke onderwerpen direct aandacht vragen.
Kijk vervolgens naar de arbeidshygiënische strategie. Pak een risico bij voorkeur eerst bij de bron aan. Is dat niet mogelijk, kies dan voor collectieve maatregelen, organisatorische afspraken en pas als laatste voor persoonlijke beschermingsmiddelen.
Een te vaag plan van aanpak opstellen
De RI&E brengt risico’s in beeld, maar het plan van aanpak zorgt ervoor dat er daadwerkelijk iets verandert. Een plan van aanpak met acties als “medewerkers instrueren” of “veiligheid verbeteren” is te vrijblijvend. Zonder eigenaar, termijn en concrete maatregel is opvolging moeilijk te bewaken.
Leg per maatregel in ieder geval vast:
- welke maatregel nodig is;
- wie verantwoordelijk is voor de uitvoering;
- welke deadline geldt;
- welke prioriteit de maatregel heeft;
- welke middelen of kosten nodig zijn, waar dat nuttig is;
- hoe je de voortgang of werking evalueert, waar dat nuttig is.
Maak maatregelen zo praktisch mogelijk. In plaats van “tilbelasting verminderen” kun je bijvoorbeeld vastleggen dat een tilhulpmiddel wordt aangeschaft, medewerkers instructie krijgen en de preventiemedewerker na drie maanden evalueert of de tilbelasting is afgenomen. Bekijk ook een voorbeeld Plan van Aanpak (PvA) voor de RI&E.
De RI&E na oplevering niet actualiseren
Een RI&E is geen eenmalig document. Nieuwe machines, een verhuizing, groei van het aantal medewerkers, gewijzigde werkprocessen, een ongeval of nieuwe werkzaamheden kunnen nieuwe risico’s veroorzaken. Ook veranderingen in werkdruk, thuiswerken of het gebruik van gevaarlijke stoffen kunnen aanleiding zijn om de RI&E en het plan van aanpak te herzien.
Plan daarom periodiek een evaluatiemoment en werk de RI&E direct bij wanneer er relevante veranderingen plaatsvinden. Controleer daarbij ook of afgeronde maatregelen effectief zijn en of openstaande acties nog realistisch en actueel zijn. Zo blijft je document aansluiten op de organisatie zoals die nu werkt.
Zelf opstellen zonder voldoende kennis of toetsing
Je kunt een RI&E in veel gevallen zelf opstellen, maar een standaardvragenlijst invullen is niet altijd voldoende. Complexe risico’s, bijvoorbeeld rond machines, gevaarlijke stoffen, geluid, psychosociale arbeidsbelasting of specifieke arbeidsmiddelen, vragen om inhoudelijke kennis. Een onjuiste of onvolledige beoordeling kan ertoe leiden dat belangrijke maatregelen ontbreken. Wees ook kritisch bij de keuze voor digitale hulpmiddelen; lees vooraf over de valkuilen van online RI&E-tools.
Controleer ook waaraan een RI&E moet voldoen en of jouw RI&E getoetst moet worden. Toetsing is in beginsel verplicht. Uitzonderingen gelden onder meer voor organisaties met maximaal 25 werknemers die een passend erkend branche-RI&E-instrument gebruiken, organisaties met in totaal maximaal 40 uur betaald personeel per week en vrijwilligersorganisaties met uitsluitend vrijwilligers. Controleer altijd of de uitzondering echt op jouw situatie van toepassing is. Lees ook de veelgemaakte fouten bij RI&E-toetsing.
Veelgestelde vragen over fouten bij een RI&E
Hoe vaak moet je een RI&E actualiseren?
Actualiseer je RI&E zodra er belangrijke veranderingen zijn in werkzaamheden, werkplekken, personeel, arbeidsmiddelen of risico’s. Evalueer daarnaast periodiek of maatregelen uit het plan van aanpak zijn uitgevoerd en nog effectief zijn.
Wat zijn de drie stappen van een RI&E?
De RI&E bestaat inhoudelijk uit het inventariseren van arbeidsrisico’s, het evalueren en prioriteren van die risico’s en het opstellen van een plan van aanpak met maatregelen, verantwoordelijken en termijnen. Volg daarbij de juiste volgorde voor het uitvoeren van een RI&E. Daarna moet de RI&E in veel gevallen nog worden getoetst.
Kan ik zelf een RI&E opstellen?
Ja, dat kan. Wel moet de RI&E volledig zijn, aansluiten op jouw bedrijf en actueel blijven. Afhankelijk van je situatie kan toetsing door een gecertificeerde arbokerndeskundige nodig zijn.
Wat gebeurt er als een RI&E ontbreekt of onvolledig is?
Je mist dan inzicht in belangrijke arbeidsrisico’s en maatregelen kunnen uitblijven. Daarnaast voldoe je mogelijk niet aan je verplichtingen als werkgever en kan de Nederlandse Arbeidsinspectie handhavend optreden.