6 min leestijd

Wil je weten of jouw RI&E echt aan de eisen voldoet, dan moet je verder kijken dan alleen een ingevuld document. Bij de toetsing draait het om vier kernpunten: volledigheid, actualiteit, actuele inzichten en betrouwbaarheid. Ook het Plan van Aanpak telt mee. Sinds 1 juli 2022 geldt voor arbokerndeskundigen toetsing binnen de eigen certificeringsscope. Het certificatieschema is daarna gewijzigd; aanvragen voor (her)certificatie worden sinds 1 januari 2025 volgens het vernieuwde schema beoordeeld. Hieronder lees je wanneer toetsing verplicht is, waar een toetser precies op let en wat je zelf alvast kunt controleren.

Inhoudsopgave

  1. 1Wanneer moet je een RI&E laten toetsen?
  2. 2De 4 criteria waarop een RI&E wordt beoordeeld
  3. 2.1Volledigheid
  4. 2.2Actualiteit
  5. 2.3Actuele inzichten

Belangrijkste punten

  • Vier toetsingscriteria: volledigheid, actualiteit, actuele inzichten en betrouwbaarheid.
  • Toetsingsplicht meestal bij >25 medewerkers; uitzonderingen bij erkend branche-instrument (≤25), vrijwilligersorganisaties en organisaties met ≤40 uur betaald werk p/w.
  • Actualiseer de RI&E bij relevante wijzigingen in werk, processen, middelen of organisatie.
  • Plan van Aanpak moet concreet zijn: oorzaakgericht, arbeidshygiënische strategie volgen, met verantwoordelijkheden en termijnen.
  • Toetsing door bevoegde kerndeskundigen binnen eigen scope; soms meerdere expertises nodig.

Wanneer moet je een RI&E laten toetsen?

Niet elke RI&E hoeft verplicht getoetst te worden, maar in veel situaties is dat wel nodig; zie ook wanneer een RI&E moet worden getoetst. In de basis geldt: heb je meer dan 25 medewerkers, dan moet de RI&E meestal worden getoetst door een kerndeskundige. Heb je 25 of minder medewerkers en gebruik je een voor jouw branche erkend branche-RI&E-instrument, dan is externe toetsing niet verplicht. Let daarbij op dat het gaat om medewerkers en niet om FTE, dat jouw organisatie binnen de branche van het instrument valt en dat het instrument erkend is op het moment dat je de RI&E afrondt. Daarnaast is toetsing ook niet verplicht voor een vrijwilligersorganisatie waarin uitsluitend vrijwilligers werken, en voor een organisatie met betaald personeel dat samen ten hoogste 40 uur per week werkt.

  • Toetsing is meestal verplicht bij meer dan 25 medewerkers.
  • Heb je 25 of minder medewerkers en gebruik je een voor jouw branche erkend branche-RI&E-instrument, dan is externe toetsing niet verplicht.
  • Toetsing is ook niet verplicht voor een vrijwilligersorganisatie waarin uitsluitend vrijwilligers werken.
  • Toetsing is ook niet verplicht voor een organisatie met betaald personeel dat samen ten hoogste 40 uur per week werkt.
  • Een zelf opgestelde RI&E is niet automatisch vrijgesteld van toetsing.
  • Controleer altijd of het gebruikte branche-instrument voor jouw branche bedoeld is en erkend is op het moment dat je de RI&E afrondt.

De 4 criteria waarop een RI&E wordt beoordeeld

Bij de inhoudelijke toetsing kijkt de deskundige niet alleen of alle onderdelen aanwezig zijn, maar vooral of de RI&E de werkelijke risico’s goed in beeld brengt en vertaalt naar bruikbare maatregelen. Meer over het proces lees je in hoe wordt een RI&E getoetst.

Criterium Wat dit in de praktijk betekent
Volledigheid Alle relevante risico’s, oorzaken, bestaande maatregelen en nog te nemen acties zijn opgenomen.
Actualiteit De RI&E sluit aan op de huidige werksituatie, processen, middelen en organisatie.
Actuele inzichten De beoordeling past bij actuele wetgeving, grenswaarden, brancheafspraken en stand van de wetenschap.
Betrouwbaarheid De risico-inschatting is onderbouwd, representatief en gebaseerd op goede methoden en betrokken medewerkers.

Volledigheid

Volledigheid is een belangrijk onderdeel van de toetsing. Een RI&E is pas volledig als je niet alleen losse risico’s benoemt, maar ook de achterliggende oorzaken en de context van het werk meeneemt. Een nooduitgang die steeds geblokkeerd is, is bijvoorbeeld niet alleen een observatie. De echte vraag is waarom dat gebeurt: is er te weinig opslagruimte, is de werkplek onlogisch ingericht of ontbreekt toezicht? Precies dat soort oorzaakanalyse verwacht een toetser terug te zien.

Een volledige RI&E bevat in ieder geval een duidelijke scope, de belangrijkste veiligheids- en gezondheidsrisico’s en een realistische inschatting van de ernst en kans. Denk aan fysieke belasting, psychosociale arbeidsbelasting, gevaarlijke stoffen, arbeidsmiddelen, werkplekinrichting, BHV en risico’s voor bijzondere groepen werknemers. Ook signalen uit de praktijk horen mee te wegen, zoals verzuimgegevens, incidenten, bijna-ongevallen en input van medewerkers en de preventiemedewerker. De werkgever moet werknemers of hun vertegenwoordiging betrekken bij de RI&E. Als er geen werknemersvertegenwoordiging is, moeten de betrokken werknemers rechtstreeks worden geraadpleegd.

  • De RI&E maakt duidelijk welke afdelingen, functies en locaties zijn onderzocht.
  • Niet alleen symptomen, maar ook oorzaken van risico’s zijn beschreven.
  • Bestaande maatregelen én ontbrekende maatregelen zijn zichtbaar opgenomen.
  • Bijzondere categorieën werknemers die extra risico kunnen lopen, zoals jongeren en zwangeren, krijgen aandacht; beoordeel daarnaast of taalvaardigheid of begrijpelijkheid van instructies extra risico’s veroorzaakt.
  • Als verdiepend onderzoek of metingen nodig zijn, blijkt dat ook uit de RI&E.

Actualiteit

Een RI&E moet passen bij hoe het werk nu wordt uitgevoerd. Nieuwe machines, andere grondstoffen, een verbouwing, gewijzigde werktijden of hybride werken kunnen betekenen dat eerdere risico-inschattingen niet meer kloppen. Een oude RI&E kan formeel aanwezig zijn, maar inhoudelijk toch tekortschieten als de praktijk inmiddels is veranderd.

Actuele inzichten

Bij toetsing wordt ook gekeken of je uitgaat van actuele wet- en regelgeving en professionele inzichten. Dat betekent onder meer dat gebruikte normen, grenswaarden, brancheafspraken en methoden nog relevant moeten zijn. Een RI&E die verouderde aannames gebruikt, kan risico’s onderschatten en daardoor leiden tot een zwak Plan van Aanpak.

Betrouwbaarheid

Betrouwbaarheid gaat over de kwaliteit van de risicobeoordeling. Zijn de juiste medewerkers betrokken? Is de inschatting representatief voor het echte werk? En zijn de gebruikte methoden passend en onderbouwd? Bij sommige onderwerpen, zoals blootstelling aan stoffen, geluid of binnenklimaat, kan aanvullend onderzoek of meting nodig zijn. Zonder die onderbouwing is de RI&E al snel te globaal om op te sturen.

Wat het Plan van Aanpak moet laten zien

Het Plan van Aanpak is geen bijlage voor later, maar een vast onderdeel van de RI&E. De toetsing stopt dus niet bij het benoemen van risico’s. De deskundige kijkt ook of je maatregelen logisch, haalbaar en voldoende concreet zijn. Alleen opschrijven dat een risico “aandacht vraagt” is niet genoeg.

  • De maatregel pakt bij voorkeur de oorzaak van het risico aan, niet alleen het gevolg.
  • De gekozen aanpak volgt zo veel mogelijk de arbeidshygiënische strategie, zoals eerst wegnemen of vervangen en pas later persoonlijke beschermingsmiddelen inzetten.
  • Per actie is duidelijk wie verantwoordelijk is, wat de prioriteit is en wanneer de maatregel uitgevoerd wordt.
  • De maatregel is concreet en realistisch geformuleerd, bij voorkeur SMART.
  • Het moet aannemelijk zijn dat de maatregel echt effect heeft in de praktijk.

Kun je zelf een RI&E opstellen?

Ja, in veel gevallen kun je zelf een RI&E opstellen, zeker als je gebruikmaakt van een goed branche-instrument. Dat betekent alleen niet automatisch dat de inhoud sterk genoeg is. Zodra toetsing verplicht is, beoordeelt een kerndeskundige of jouw RI&E en Plan van Aanpak aan de criteria voldoen. Heb je complexere risico’s, meerdere locaties of twijfel je over de juiste beoordeling, dan is het verstandig om al tijdens het opstellen deskundige ondersteuning te betrekken. Dat voorkomt dat je later veel moet herstellen.

Wat doet de kerndeskundige bij de toetsing?

De kerndeskundige beoordeelt of jouw RI&E inhoudelijk deugt en of het Plan van Aanpak daarop logisch aansluit. Wil je weten wie dit mogen doen, bekijk dan wie mag een RI&E toetsen. De toetsing kan plaatsvinden door een gecertificeerde arbeidshygiënist, hogere veiligheidskundige of arbeids- en organisatiedeskundige binnen de eigen scope, of door een BIG-geregistreerde bedrijfsarts; ook een gecertificeerde arbodienst kan de toetsing uitvoeren. Afhankelijk van de risico’s kan één deskundige voldoende zijn, of zijn meerdere expertises nodig. Denk aan een arbeidshygiënist bij blootstelling aan stoffen of fysische factoren, een hogere veiligheidskundige bij veiligheidsrisico’s, een arbeids- en organisatiedeskundige bij bijvoorbeeld werkdruk of werk- en rusttijden, of een BIG-geregistreerde bedrijfsarts.

De uitkomst van de toetsing is normaal gesproken een onderbouwd oordeel met aandachtspunten en verbetervoorstellen. Daarmee weet je niet alleen of de RI&E formeel op orde is, maar vooral wat nodig is om het document praktisch bruikbaar en verdedigbaar te maken. Voorkom afkeurpunten door deze veelgemaakte fouten bij RI&E-toetsing te vermijden.

Veelgestelde vragen

Geldt het aantal medewerkers of FTE voor de toetsingsplicht?

Voor de bekende grens van 25 telt het aantal medewerkers, niet het aantal FTE. Ook parttimers tellen dus mee als medewerker. Controleer dit goed voordat je ervan uitgaat dat toetsing niet nodig is.

Is toetsing ook nodig als een deskundige heeft geholpen bij het opstellen?

Hulp bij het opstellen is niet hetzelfde als een formele toetsing. Een RI&E waaraan een deskundige heeft meegewerkt, kan nog steeds toetsingsplichtig zijn. Zeker het Plan van Aanpak moet inhoudelijk goed beoordeeld blijven.

Wat kost het laten toetsen van een RI&E?

De kosten hangen af van de omvang van de organisatie, het aantal locaties, de aanwezige risico’s, de kwaliteit van de bestaande RI&E en of één of meerdere kerndeskundigen nodig zijn. Verdiepend onderzoek of aanvullende metingen kunnen de prijs beïnvloeden.

Wanneer moet je de RI&E actualiseren?

Actualiseer de RI&E en het Plan van Aanpak wanneer ervaringen, gewijzigde werkmethoden of -omstandigheden, of nieuwe professionele inzichten daartoe aanleiding geven. Denk aan nieuwe machines, verhuizing, andere processen of groei van het bedrijf.

Wat gebeurt er als je geen actuele RI&E hebt?

De Nederlandse Arbeidsinspectie kan handhaven als de RI&E of het Plan van Aanpak ontbreekt, verouderd is of onvoldoende is uitgewerkt. Alleen een document in de map hebben is niet genoeg.

Pjotr Leijdekkers

Pjotr Leijdekkers

Eigenaar · RIE Nederland

Pjotr Leijdekkers is ondernemer en eigenaar van RIE-NL, ontstaan vanuit de overtuiging dat veel bedrijven worstelen met de complexiteit, kosten en tijdsinvestering van een RI&E. Hij zag dat traditionele RI&E-trajecten vaak onnodig ingewikkeld en duur zijn, waardoor ondernemers het uitstellen of als last ervaren.

Met RIE-NL speelt Pjotr in op deze uitdaging door een goedkope, snelle en eenvoudige digitale RI&E aan te bieden voor bedrijven in Nederland. De aanpak is gebaseerd op een heldere vragenlijst zonder ingewikkeld gedoe en levert automatisch een Plan van Aanpak op. Zo helpt RIE-NL ondernemers om eenvoudig te voldoen aan wet- en regelgeving, zonder dat het hun dagelijkse bedrijfsvoering in de weg zit.